Hoeveel eruit gaat, en hoeveel terugkomt.
Het RF-front van Decodium, op je telefoon. Elke meting van de set, via het thuisnetwerk uit de pc gehaald — en geen enkele verzonnen.
Hetzelfde front als op de computer, geen uitgeklede versie: dezelfde geometrie, dezelfde kleuren, dezelfde naaldballistiek. Je veegt van de ene pagina naar de andere; de set blijft dezelfde.
Hoeveel eruit gaat, en hoeveel terugkomt.
De wanaanpassing, vertaald in decibels en in verloren watts.
Hoe hard je de zender aanstuurt.
Bij ontvangst: hoe sterk, en waar.
De telemetrie van de eindtrap, voor de sets die haar melden.
Hij verzamelt paren van frequentie en SWR terwijl je werkt — of met een sweep die de set stuurt — en leidt daaruit de curve van je antenne af, band voor band. Dat is het vectoriële deel: niet langer alleen «hoeveel», maar «welke kant op».
Een instrument dat een geloofwaardige maar onjuiste waarde toont is erger dan een dat zwijgt. Decometer verkiest altijd de stilte boven het verzinsel.
Is een meting niet beschikbaar, dan verschijnen twee streepjes en zegt de statusregel waarom. Geen gemakkelijk getal in plaats van gegevens die er niet zijn.
Met de zender stil lezen de zendmeters geen nul: een nul zou zeggen «geen vermogen, perfecte SWR», wat lijkt op een station dat prima werkt. Liever niets.
De HOLD-toets bevriest wat je ziet: handig op de telefoon, waar je naar het instrument kijkt nadat je de PTT hebt losgelaten, niet tijdens.
Zet in Decodium 4 op de pc de DecoPort-gateway aan en kies een wachtwoord.
De computer meldt zichzelf aan op het netwerk: de set verschijnt in een lijst in de app.
Je tikt hem aan, typt hetzelfde wachtwoord, en vanaf dan verbindt hij bij elke start vanzelf opnieuw.